Kinderen weten vaak precies hoe ver het is naar school, waar de beste speeltuin ligt en welke supermarkt de lekkerste koekjes heeft. Maar waarom heet hun straat zoals hij heet? Waarom is het land zo vlak? En wat gebeurt er eigenlijk allemaal in hun eigen dorp? Juist in een plaats als Dronten, die op drooggelegd land is gebouwd, liggen de verhalen voor het oprapen.
Je hoeft geen geschiedenisleraar te zijn om die nieuwsgierigheid aan te wakkeren. Met wat aandacht, een paar vragen en af en toe een uitstapje maak je van je woonplaats een plek die je kinderen echt gaan leren kennen. Hieronder vind je vijf manieren om daarmee te beginnen.
1. Lees samen het lokale nieuws
Landelijk nieuws gaat vaak over dingen die ver van een kind af staan. Lokaal nieuws is anders: het gaat over de weg die opnieuw wordt aangelegd, de sporthal waar ze zelf trainen of het evenement waar de buren naartoe gaan. Daardoor voelt het direct herkenbaar.
Maak er een vast moment van, bijvoorbeeld bij het ontbijt in het weekend. Kies samen een bericht uit en praat erover. Wat vinden ze ervan? Kennen ze de plek? Wie heeft er last of plezier van? Zo leren kinderen niet alleen over hun omgeving, maar ook dat nieuws iets is waar je een mening over mag hebben.
2. Laat kinderen zelf op zoek gaan
Kinderen worden nieuwsgieriger als ze zelf iets mogen uitzoeken. Geef ze een kleine opdracht: zoek een nieuwsbericht over iets in jouw buurt, over sport of over dieren in de omgeving. Een handige plek om mee te beginnen is www.drontennieuwsvandaag.nl, waar berichten uit Dronten bij elkaar staan en je samen kunt kijken wat er speelt.
Laat ze daarna in hun eigen woorden vertellen wat ze gelezen hebben. Jongere kinderen kunnen er een tekening bij maken, oudere kinderen schrijven misschien een kort verslagje. Je zult merken dat ze ineens vragen gaan stellen die je zelf nog niet had bedacht.
3. Ga op pad met een vraag in je achterhoofd
Een uitstapje wordt een stuk interessanter als je er met een vraag op uitgaat. In plaats van gewoon een rondje fietsen, ga je bijvoorbeeld op zoek naar het antwoord op de vraag hoe dit land er vroeger uitzag. Dronten ligt in een polder die ooit onder water stond, en dat zie je overal terug als je er eenmaal op let.
Een paar ideeën om mee te starten:
- Fiets langs een dijk en vraag hoe hoog het water vroeger stond
- Zoek straatnamen op en bedenk waar ze naar verwijzen
- Bezoek Swifterbant en Biddinghuizen en vergelijk ze met Dronten zelf
- Kijk naar de rechte wegen en sloten en praat over waarom ze zo zijn aangelegd
- Ga naar de bibliotheek en zoek een boek over de polder
4. Verzamel verhalen uit de buurt
Veel mensen in Dronten hebben zelf meegemaakt hoe de plaats groeide, of kennen de verhalen van hun ouders. Grootouders, buren of oudere bekenden zijn vaak een schatkist aan herinneringen. Hoe was het om in een nieuw dorp te wonen waar nog bijna niets stond? Waar speelden zij vroeger?
Laat je kind zo iemand interviewen. Bedenk samen vooraf een paar vragen en neem het gesprek eventueel op met een telefoon. Kinderen vinden het vaak spannend en leuk om ‘journalist’ te spelen, en de oudere generatie vindt het meestal fijn dat er interesse is in hun verhaal. Zo ontstaat er ook nog eens een band tussen jong en oud.
5. Maak er iets blijvends van
Wat kinderen zelf maken, onthouden ze beter. Houd samen een plakboek of map bij met nieuwsberichten, foto’s van uitstapjes, tekeningen en aantekeningen uit gesprekken. Je kunt ook een eigen kaart van Dronten tekenen met daarop de plekken die jullie hebben bezocht en wat jullie daar hebben geleerd.
Oudere kinderen vinden het misschien leuk om een eigen mini-krant te maken over hun straat of school. Wie woont er? Wat is er onlangs gebeurd? Wat zou er beter kunnen? Op die manier kijken ze met andere ogen naar hun directe omgeving en leren ze tegelijk schrijven, ordenen en vertellen.